26 Jan '05 - + 12 - 5 Workshopping

Het promovendi-overleg Utrecht hield gisteren een themamiddag 'de kunst van het communiceren'.  Op het programma stond een geslaagde lezing van taalkundige Frank Jansen over populariseren, interviews geven aan journalisten en hoe jouw onderzoek onder de aandacht van de media te brengen. Daarna waren er workshops over de vertelkunst, debatteerkunst en populariseerkunst. Samen met mijn debatingpartner Imre Végh had ik de eer om twee workshops over debatteren te geven voor een groep Utrechtse promovendi. Het was een enthousiaste en - hoe kan het bij promovendi ook anders - leergierige groep, die al vrij gauw loskwam.

 

Workshops geven wordt steeds makkelijker. Een gezonde spanning blijft er altijd. Jij bent een geheel uur verantwoordelijk voor een groep van twintig mensen. Je bent tegelijkertijd entertainer en onderwijzer en moet het evenwicht tussen deze twee rollen weten te vinden. Ik heb een aantal vuistregels opgesteld voor het geven van een succesvolle workshop. Dus pak je pen en papier voor deze gratis lessen 'hoe geef ik een workshop?'.

 

1. Een workshop is geen lezing

2. Het publiek komt primair om vermaakt te worden

3. Je luisteraars denken niet als jij

4. Volledigheid moet sneuvelen op het altaar van duidelijkheid

 

De eerste vuistregel is simpel: 'lul zo min mogelijk'. Een goede workshopgever laat iedereen uit het publiek aan bod komen. Zijn (of haar) spreektijd bestaat slechts uit een korte introductie van de opzet van de workshop en van de opzet van iedere oefening. Voor iedere oefening wordt kort de theorie gegeven die de deelnemers moeten toepassen. Na de oefening volgt korte feedback.

 

De tweede vuistregel komt neer op het doorprikken van een illusie: een uur is veel te kort om iets echt te leren. Mensen willen gelukkig worden van een workshop. De workshopgever handelt in geluk. Hij (of zij) is enthousiast, gedreven en positief. Hij stijgt boven zichzelf uit in lef en respecteert iedere deelnemer, om zo een losse sfeer te creëren. Als mensen iets leren is dat mooi, maar het hoofddoel is mensen lol te laten beleven.

 

De derde vuistregel zal ik illustreren aan het verhaal van het jongetje en de raaf. In de Groningse Ommelanden, dicht bij een eikenbos, woonde een jongetje van twaalf. Zijn naam was Sybren. Hij vond op een dag een raaf, die door een kat zodanig toegetakeld was dat hij niet meer kon vliegen. Na maanden goede zorg was de raaf weer goed ter vleugel en vloog uit. Sybren zag de raaf vrijwel nooit meer, maar soms kwam er een raaf naar hem toe om hem een worm te voeren. Hij wist dat het de raaf was die hem een wederdienst wilde bewijzen, vanuit zijn vogelkijk op de wereld.

Soms ben ik de raaf. Ik bedoel het goed, maar breng het verkeerd. Ik ben zelf verkikkerd op abstracte theorie en filosofische of theoretische (ogenschijnlijke) dwarsverbanden. Maar andere mensen hebben andere leerstijlen. Zij willen geen theoretische verhalen, maar handige trucjes. Of ze willen helemaal geen verhaal, maar gewoon zelf doen. Daarom ben ik blij dat ik door iemand gewezen werd op de cirkel van kolb. Op de site hierover kun je een test doen om te zien welke methode je gebruikt om nieuwe dingen te leren.

Ikzelf ben een denker. Graag bezig op een -al dan niet postmodernistisch - meta-niveau. De manier waarop de materie bestudeerd wordt, vind ik interessanter dan de materie zelf bestuderen. Ik hou van dichotomiëen, schema's, modellen, en procedures. Maar van beter inzicht ga je nog niet beter spreken. Er bestaat geen trucje om goed te leren debatteren, dus die theorie zal iemand niet veel verder brengen. Tennis kun je niet leren uit een boek. Debatteren is te complex om in een schema te vatten.

Als workshoptrainer is het goed te beseffen dat vaardigheid belangrijker is dan inzicht. Voor inzicht lezen mensen wel een boek.

 

Dat brengt mij tot de laatste en vierde vuistregel: volledigheid moet sneuvelen op het altaar van duidelijkheid. In de film Sophie's Choice moet een moeder een onmogelijke keuze maken: welke van haar twee kinderen ze door een Nazi laat doodschieten. Natuurlijk verbleekt elke eigentijdse moeilijkheid bij zulke zware keuzes, maar het gevoel dat je één van je kindjes moet opofferen heb je ook als workshopgever. Het is vergelijkbaar met de situatie van een promovendus die vijf jaar onderzoek in een krantenartikeltje van 300 woorden moet proppen. Aan de ene kant wil je ik niks anders brengen dan de volledige waarheid -zowaar die bestaat- en je niet verliezen in gemeenplaatsen of heuristieken. Aan de andere kant wil je jouw boodschap overdragen op mensen met minder begrip, interesse en tijd voor je onderwerp dan jij. Als je wil dat mensen überhaupt iets van je boodschap meenemen, moet je deze véél en véél simpeler stellen dan deze is.

 

Dat dit echter niet zo makkelijk is, blijkt wel uit deze post. Ik had dit hele verhaal ook in vier zinnen kunnen doen. Gelukkig heb ik nog volop tijd om dit te leren.

al vier reacties:

The four fistrules for effective workshops, gotta love the selfhelpschrijfstijl!

Covey - 28 Januari '05 - 20:56

vuistregels kunnen nooit op tegen ervaring en talent.

absint (link) - 29 Januari '05 - 00:09

true…true

Hartman - 29 Januari '05 - 03:55

goed verhaal, mooie uitsmijter!

daan - 19 Maart '09 - 18:38


Naam:  
Persoonlijke info onthouden?

Email:
URL:
Reactie:Emoticons / Textile

  ( Register your username / Log in )

Kattenbel: Ja, stuur mij email als iemand anders reageert.  

Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of email-adres in te typen.